Achteraf

weet ik altijd precies wat ik had moeten zeggen en doen.

Ik ging even een rondje fietsen, om mijn lamme benen wat aan te sterken.
Langs de weilanden en de volkstuintjes, en dan weer terug naar huis.
Waar ik rechtsaf wilde om de terugweg aan te vangen, stonden een vrouw en 2 meisjes van een jaar of 12.
Midden op het fietspad.
Toen ik er voorzichtig omheen wilde draaien, vroeg de oudste : meneer……. ?
Of ik misschien een telefoon had, zodat ze haar vader kon bellen. Want het ging helemaal niet goed met hun moeder.
De vrouw legde met een on-nederlands accent uit dat ze lage bloeddruk had, en daardoor duizelig was.
De telefoon doet het niet, zei het meisje.
Wat is het nummer ?
Ik probeerde het ook, maar ik hoorde niets.
Het leek mij een goed idee als de vrouw even ging zitten, want ze deed af en toe een stap achteruit, en ik weet wel wat er dan komt…
Toen ik zeker wist dat ze zat, probeerde ik het nummer nog een keer.
Weer niks.
Doet die telefoon het wel ?
Even vriendin bellen. Hij ging wel over, dus…
Er fietsten diverse mensen langs, maar niemand stopte. 112 ?
2 Jonge vrouwen kwamen op ons toe gefietst, keken nieuwsgierig en vroegen of er iets aan de hand was.
Een geschenk uit de hemel.
Want het bleken 2 goede organisators, en een van de 2 was nog arts ook.
Bus ?
Nee, de vrouw wilde niet per bus naar huis.
En die 2 kinderen kenden alleen het nummer van hun vader uit hun hoofd.
En dat van hun vriendinnetje dat op vakantie was.
En het nummer van hun moeders telefoon, die nog thuis lag.
En ze hadden niets bij zich.
Taxi, dachten de 2 vrouwen.
Te weinig geld.
Geeft niet, dat lenen we je wel.
Jullie fietsen kunnen wel staan bij de kantine van het volktuinencomplex, daar worden ze niet gestolen.
Ik voelde me een stom rund. Geen cent bij me, telefoon zo goed als leeg, geen auto meer.
Nog geen jaar geleden had ik ze als een echte held zo naar huis gebracht.
Nu stond ik hier als overbodige ballast.
Toen de taxi weg was en ik dezelfde kant uit bleek te moeten, praatten we nog wat na.
Ja, ik vond het ook wel vreemd, zoals ze zich gedroeg. Eerder een psychisch probleem dan een medisch, dacht de arts.

Toen ik alleen naar huis fietste, snapte ik het opeens. Ik heb ooit ook een psychose gehad. Ik was toen ook zo duizelig.
Ik hoop dat ze thuis goed opgevangen wordt.

Read Offline:

9 thoughts on “Achteraf”

  1. Ik voelde me vooral heel stom en onhandig. Knoop in mijn zakdoek : altijd geld en een opgeladen telefoon mee, zelfs al ga je maar 5 minuten naar buiten. En telefoonnummers van alles wat handig is nu eindelijk eens in dat ding stoppen. En minder verlegen zijn.

  2. Je kunt toch niet alles voorzien of je op alles voorbereiden, de ene dag heb je water nodig als je geld hebt of er gebeurt helemaal niets, ik bedoel maar!
    Je kunt hulp inroepen van andere mensen als ze er zijn, samen is meer dan 1 en bereik je meer, dat is toch wat er is gebeurd?
    Je bent er niet voor weggelopen, bravo Knuts!

  3. Ik bedoel natuurlijk dat als je geld hebt, dat dit net die dag niet nodig is maar water wel, wat je dan weer net niet bij je hebt.
    En zo en zo en zo!

  4. OK, ik snap het. Mijn punt was, dat ik vaak niet goed voorbereid ben op dingen die kunnen gebeuren. Ik heb intussen wel geleerd altijd even te controleren of ik mijn sleutels bij me heb. Maar ik heb bijna nooit geld of een telefoon bij me. Of een ID, of een camera. Terwijl ik die dingen wel gekocht heb om altijd bij me te hebben.

    Die 2 vrouwen regelden alles heel efficient. Ik moet zelf altijd even mijn woorden instuderen, voor ik iemand bel. Zij niet. Ik spreek niet makkelijk iemand aan die ik niet ken. Het was een leerzame ervaring.

Leave a Comment

Your email address will not be published.