
Rekening zus, aanmaning zo, een brief over mensen die het slechter hebben dan ik, een boze brief van de belastingdienst en een van de RDW. Nu/uiterlijk/vóór/belangrijk…
Ik had me liever op mijn “werk” gericht.
Ik ben veel te laat opgestaan.
Doodmoe.
2 Dagen naar Zeeland geweest.
Vannacht op de vouwfiets terug naar huis, vanaf het station.
Regen. Hard gefietst, mijn longen uit mijn lijf. Het ging goed, ik vloog bijna.
Door de kou had ik geen last van verlammingsverschijnselen in mijn been.
In het park, bijna thuis, viel het beugelslot van de bagagedrager.
Ik zag het niet liggen in het donker. Een andere fietser zocht even mee. Hier !
Ik moet iets eten, ik kan niet werken met een lege maag.
De koelkast is leeg.
Niks meer ingeslagen, omdat ik weg ging.
Even zonder jas.
Het regent nog steeds ?
Door de plassen op de galerij.
Mijn ramen zien bruin, ik zou ze eens moeten wassen.
You have new mail. Blablabla wij zoeken werknemers.
2.000 Euro als je iemand weet. Geen wonder dat er zoveel van die gelukszoekers bellen.
Het lijken wel autohandelaren.
Koop geen auto van iemand die zelf niet sleutelt.
Koop geen baan van iemand die zelf niet werkt.
Leave a Reply